Column
Plunderaars met lange tenen
20 februari 2007
Een column door O & J
Op 2 september 1794 roofden de plunderende hordes van Napoleon, onder aanvoering van citoyen Metoyen, adjoint de la Commission des Arts, twee werken van Rubens en één van Jacob Jordaens uit de Sint-Gummaruskerk te Lier. De gestolen schilderijen hangen nu in Dijon en Bordeaux.
Luk Van Nieuwenhuysen, Vlaams parlementslid voor het Vlaams Belang ondervroeg nog maar eens de minister van cultuur over deze zaak. Er zou een internationale consensus over de teruggave van geroofde kunst aan het groeien zijn. Hij wou daarom van minister Anciaux weten hoe ver het met die teruggave stond. Want het is ondertussen meer dan zes jaar geleden dat Van Nieuwenhuysen daarover Anciaux ondervroeg.
Het antwoord van de minister was echter teleurstellend. Hij kwam niet verder dan te herhalen dat er veel gestolen kunst is waarvan geweten is waar ze zich bevindt…Tja, zo’n antwoord kunnen we zelf ook wel bedenken..
Anciaux zegt de problematiek persoonlijk te zullen aankaarten bij de huidige en wellicht nog meer bij de toekomstige minister van cultuur van elk land. Hij beloofde Van Nieuwenhuysen om daarmee voor het einde van deze legislatuur minstens een begin te maken. We hebben precies dezelfde woorden en veklaringen al vaker gehoord, maar tot nu toe werd er nooit één ernstige poging gedaan om tot een teruggave van de kunstwerken te komen…. We vrezen dat het dit keer niet anders zal zijn.
In België heerst nu eenmaal de onmetelijke angst om vooral Frankrijk op de tenen te trappen.
Categorie: